Logo Rijksoverheid - Ministerie van Financiën

Rijksbegrotingsvoorschriften 2018

4.60 - Amendement invoeging nieuw artikelonderdeel

Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van …… (..) voor het jaar 20..

AMENDEMENT VAN HET LID …

Ontvangen ………………

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

De begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd:

I

In artikel … (artikelnummer en omschrijving vermelden) worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met …… (x € 1.000).

II

In artikel …(artikelnummer en omschrijving vermelden) worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met …… (x € 1.000).

III

Etc.

Toelichting

------------

(ondertekening)

Toelichting

Indien bij een amendement wordt beoogd wijzigingen aan te brengen in meer dan één begrotingsartikel, wordt elke afzonderlijke wijziging, Romeins genummerd en apart in het amendement opgenomen. Hierdoor kan de Tweede Kamer over iedere afzonderlijke wijziging stemmen.

Bij elk amendement wordt vermeld: het artikelnummer, de omschrijving van het artikel en het bedrag waarmee het in de begrotingsstaat vermelde bedrag word verhoogd of verlaagd (mutatie + of -), Indien het in de begrotingsstaat opgenomen bedrag zelf het karakter heeft van een mutatie, zoals bij een suppletoire begroting, wordt bij amendement die voorgestelde mutatie verhoogd of verlaagd (dus een mutatie op een mutatie).

De formulering in het model gaat uit van de situatie dat het geamendeerde verplichtingen- en uitgavenbedrag binnen één artikel aan elkaar gelijk zijn. Indien het geamendeerde verplichtingen- en het uitgavenbedrag binnen één artikel niet aan elkaar gelijk zijn, kan de zin worden uitgebreid tot "wordt het verplichtingenbedrag verhoogd (of: verlaagd) met …… (x € 1.000) en wordt het uitgavenbedrag verhoogd (of: verlaagd) met …… (x € 1.000)."

Indien bij een amendement ook het ontvangstenbedrag wordt verhoogd of verlaagd, dan kan de formulering “en wordt het ontvangstenbedrag verhoogd/verlaagd met ………(x € 1.000)" worden gehanteerd.

Dit model kan ook worden gehanteerd om een wijziging binnen een artikel aan te brengen (plus-minamendement). Dit leidt tot een andere verdeling van gelden binnen het artikel, zonder dat de hoogte van het artikel zelf verandert. Tevens kan dit model worden gehanteerd om een bestaand beleidsartikel te splitsen en/of een geheel nieuwe algemene doelstelling van beleid in de vorm van een nieuw beleidsartikel aan de begrotingsstaat toe te voegen. In geval van splitsing kan onder I worden aangegeven uit welk beleidsartikel de middelen afkomstig zijn en onder II welk artikel wordt gevormd en welk budget daaraan wordt toegekend. In de toelichting bij het amendement kan vervolgens worden aangegeven dat het een nieuw beleidsartikel betreft. Het is gebruikelijk dat de Tweede Kamer in een amendement financiële dekking aanlevert. Dit betekent dat de indiener van het amandement ook aangeeft waar in de rijksbegroting de budgettaire dekking voor het amandement gevonden moet worden. Dit model kan ook worden gebruikt om alleen een nieuw begrotingsartikel met budget aan de begrotingsstaat toe te voegen.

In de toelichting bij het amendement wordt zo concreet mogelijk aangegeven welke verschuivingen worden beoogd in termen van aangepaste of nieuwe doelstellingen en (eventueel) bijbehorende streefwaarden. Daarmee verschaft de Tweede Kamer zich een referentiekader om in het jaarverslag het gevoerde beleid te beoordelen. Het wordt daarbij aanbevolen om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de gegevens die al in de toelichting van het betreffende beleidsartikel zijn opgenomen.

Amendementen hebben in beginsel betrekking op het begrotingsjaar. Soms kunnen amendementen een meerjarige werking hebben. Meerjarige begrotingsamendementen met een deugdelijke dekking worden zowel in het betrokken jaar als de jaren daarna in de (suppletoire) begrotingen, slotwetten en in de jaarverslagen meerjarig verwerkt. De verantwoordelijke minister kan hiervan slechts afwijken ingeval van ernstige bezwaren. In dat geval informeert de betrokken minister conform artikel 2.3, vijfde lid, van de Comptabiliteitswet 2016 de Tweede Kamer afzonderlijk hierover. Zwaarwegende redenen kunnen betrekking hebben op het ontbreken van een deugdelijke dekking, het ontbreken van een meerjarige dekking of de technische onuitvoerbaarheid van het amendement. In een dergelijk geval worden de financiële gevolgen van amendementen die een meerjarige werking hebben alleen in de begrotingsstaat van het lopend jaar in de (suppletoire) begrotingen, slotwetten en in de jaarverslagen verwerkt. Deze procedure geldt ook wanneer een amendement alleen een eenmalige verwerking in de begroting beoogd. Uit de toelichting bij dit model moet blijken of het amendement meerjarig of incidenteel wordt verwerkt. 1).

  1. 1)

    N.a.v. amendement Vermue tijdens de behandeling van het wetsvoorstel Comptabiliteitswet 2016, 34426, nr. 12