Logo Rijksoverheid - Ministerie van Financiën

Rijksbegrotingsvoorschriften 2018

4.51 - Nota van wijziging Voorjaarsnota/Najaarsnota/Slotwet

Model:

NOTA VAN WIJZIGING

In het voorstel van wet tot wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van ..... (...) voor het jaar 20.. (kamerstukken II, ……….....) wordt de departementale begrotingsstaat/de begrotingsstaat inzake de agentschap(pen)/de begrotingsstaat van het begrotingsfonds ……… als volgt gewijzigd.

Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van .....(...) voor het jaar 20.. (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota/Najaarsnota/Slotwet)(Bedragen x € 1.000)
Art. Omschrijving Mutaties vóór Nota van wijziging Mutaties na Nota van wijziging
    Verplichtingen Uitgaven Ontvangsten Verplichtingen Uitgaven Ontvangsten
  TOTAAL            
               
               
               
Open tabel in nieuwe pagina

De (sub)totaaltellingen in deze begrotingsstaat worden met deze wijzigingen in overeenstemming gebracht.

TOELICHTING

Algemeen

(Eventueel)

Per (beleids)artikel

De Minister van .... ,

(handtekening)

Toelichting
  1. Een Nota van wijziging kan staatsrechtelijk alleen betrekking hebben op het wetsgedeelte van het wetsvoorstel. Dat wil zeggen op het wetslichaam en de daarbij behorende begrotingsstaat, maar nooit op de oorspronkelijke memorie van toelichting van het wetsvoorstel. Wijzigingen in de memorie van toelichting van een wetsvoorstel kunnen via een brief, gericht aan de Voorzitter van de Tweede Kamer, worden uiteengezet.

  2. In de begrotingsstaat worden alleen de artikelen opgenomen waarop wijzigingen hebben plaatsgevonden.

  3. In de begrotingsstaat worden geen totalen opgenomen.

  4. Een nota van wijziging heeft een zelfstandige toelichting. In die toelichting kan worden aangegeven welke wijzigingen in de oorspronkelijke memorie van toelichting worden aangebracht als gevolg van de nota van wijziging.

  5. De betrokken minister ondertekent de toelichting van de nota van wijziging. Dit betekent dat de handtekening van de minister onderaan de toelichting komt. Bij voorkeur wordt de toelichting alleen ondertekend door de eerstverantwoordelijke bewindspersoon. De medebetrokkenheid van een andere bewindspersoon wordt in dat geval in de toelichting vermeld.

  6. Een nota van wijziging wordt vergezeld van een door de betrokken minister(s) ondertekende aanbiedingsbrief, gericht aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. De aanbiedingsbrief wordt bij voorkeur alleen ondertekend door de eerstverantwoordelijke bewindspersoon. De medebetrokkenheid van een andere bewindspersoon kan dan in de aanbiedingsbrief worden vermeld. Deze stukken worden via het Ministerie van Financiën naar de Tweede Kamer doorgeleid, indien de Nota van wijziging betrekking heeft op de eerder in de ministerraad behandelde beleidsbeslissingen met financiele gevolgen.

  7. De Nota's van wijziging die betrekking hebben op de beleidsbeslissingen met financiele gevolgen - die NIET eerder in de ministerraad aan de orde zijn gesteld - worden eerst aan de ministerraad voorgelegd. Daarbij beslist de ministerraad of de Nota's van wijziging wel of niet voor advies aan de Raad van State wordt voorgelegd voor de verzending naar de Tweede Kamer.

  8. In de kop en in de subkop wordt tussen de haken het nummer van de betrokken begroting in Romeinse cijfers ingevuld, conform de nummering in de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften (zie De inrichting van de rijksbegroting).